Computerboek 4
oefening 4.5

Invuloefening

Klik onderaan de bladzijde op "Controle" als je helemaal klaar bent.
voorbeeld:
is de tas op de stoel?
ja, de tas is op de stoel.
 
nee, de tas is niet op de stoel.
  1. is het boek op de tafel?
   ja, .
   nee, .
  2. is de klok op de kast?
   ja, .
   nee, .
  3. is de tekening op de tafel?
   ja, .
   nee, .
  4. is de pen onder de kast?
   ja, .
   nee, .
  5. is het boek in de tas?
   ja, .
   nee, .
  6. is de stoel voor het bord?
   ja, .
   nee, .
  7. loopt Ahmed in de klas?
   ja, .
   nee, .
  8. zit de juf op de stoel?
   ja, .
   nee, .
  9. schrijft de jongen in de map?
   ja, .
   nee, .
  10. is de stoel onder de tafel?    ja, .
nee, .