Nederlands voor anderstaligen
oefening 9.9

Invuloefening

Klik onderaan de bladzijde op "Controle" als je helemaal klaar bent.
Maak de volgende woorden kleiner:
Voorbeelden:
de koning 
de koning
 - het koninkje
      
de woning 
de woning
 - het woninkje

 1. de schutting   de schutting  - het
 2. de bunzing   de bunzing  - het
 3. de haring   de haring  - het
 4. de ketting  de ketting  - het
 5. de spiering de spiering  - het
 6. de paling  de paling.jpg  - het
 7. de pudding   de pudding  - het
 8. de leuning  de leuning  - het
 9. de herhaling  de herhaling  - het
10. de ontkenning  de ontkenning  - het
11. de verkleining  de verkleining  - het
12. de overwinning   de overwinning  - het
13. de genezing  de genezing  - het
14. de dwaling  de dwaling  - het
15. de betaling  de betaling  - het
16. de vertaling  de vertaling  - het
17. de ronding  de ronding  - het
18. de koning  de koning  - het
19. de woning  de woning  - het
20. de melding  de melding  - het