Nederlands voor anderstaligen
oefening 9.11

Invuloefening

Klik onderaan de bladzijde op "Controle" als je helemaal klaar bent.
Maak de volgende woorden kleiner:
Voorbeelden:
de opa 
 - het opaatje
      
de radio 
de radio
 - het radiootje

 1. paraplu de paraplu  - het
 2. de auto de auto  - het
 3. de piano de piano  - het
 4. de pyjama de pyjama  - het
 5. de echo de echo  - het
 6. de iglo de iglo  - het
 7. de Eskimo de eskimo  - het
 8. het programma het programma  - het
 9. het menu het menu  - het
10. het stro het stro  - het
11. het café het café  - het
12. de oma de oma  - het
13. de papa de papa  - het
14. de logé de logé  - het
15. de mama de mama  - het
16. de foto de foto  - het
17. de radio de radio  - het
18. de agenda de agenda  - het
19. de opa de opa  - het
20. de la de la  - het