Nederlands voor anderstaligen
oefening 7.7

Invuloefening

Klik onderaan de bladzijde op "Controle" als je helemaal klaar bent.
Vul in: ons / onze
 1. Dit is boek.
 2. Daar liggen mappen.
 3. huis is heel groot.
 4. Geef jij pennen terug?
 5. Heb je hond al gezien?
 6. We nemen boeken mee naar school.
 7. Wil je poesje vasthouden?
 8. We doen deur dicht.
 9. We spelen met de bal in tuin.
 10. jassen hangen aan de kapstok.
 11. We hebben geen Nederlands in leslokaal.
 12. Vandaag is juf ziek.
 13. Met kiezen kauwen we het eten.
 14. Wij halen kaartjes bij het loket.
 15. schrift ligt op de tafel.
 16. We hebben pijn in gezicht.
 17. Liggen boeken op de kast?
 18. We spelen met broertje.
 19. vader heeft een vrije dag.
 20. Hij helpt met het maken van huiswerk.