Nederlands voor anderstaligen
oefening 6.11

Invuloefening

Klik onderaan de bladzijde op "Controle" als je helemaal klaar bent.
Vul het meervoud in:
Voorbeelden:
de tak - de takken     de schouder - de schouders

enkelvoud
meervoud
 
enkelvoud
meervoud
1. de vingerde vinger de
14. het diplomahet diploma de
2. de minuutde minuut de
15. de pindade pinda de
3. het recepthet recept de
16. de lollyde lolly de
4. het uurhet uur de
17. de voetde voet ;de
5. het drankjehet drankje de 18. de schouderde schouder de
6. de beer de beer de
19. de taxi de taxi de
 7. de boom de boom de
 20. de enkelde enkel  de
8. de radiode radio de
21. de handde hand de
9. het ongeluk het ongeluk de
22. de rompde romp de
10. de fietsde fiets de
23. de kiesde kies de
11. het ooghet oog de
24. het oorhet oor de
12. de babyde baby de
25. de wimper de wimper de
13. het harthet hart de
26. de brilde bril de
27. de vlagde vlag de