Nederlands voor anderstaligen
oefening 4.1

Invuloefening

Klik onderaan de bladzijde op "Controle" als je helemaal klaar bent.
Vul in: hier / daar / Deze / Die
 1. Deze pen is .
          11. tuin is hier.
 2. kous is daar.
  12. Deze duif is .
 3. Deze som is .
  13. Die tafel is .
 4. stropdas is daar.
  14. auto is hier.
 5. Die man is .
  15. Die appel is .
 6. Deze boom is .
   16. Die vrouw is .
 7. tekening is daar.
   17. jongen is hier.
 8. fiets is hier.
   18. Die broek is .
 9. Die sjaal is .
   19. agenda is daar.
10. Deze koe is .
   20. Deze computer is .